Home -> Medailles -> Ridderorden -> Militaire Willems-Orde

Militaire Willems-Orde

Ingesteld bij wet van 30 april 1815, nummer 5, als orde, strekkende tot beloning van militairen, in dienst van het Koninkrijk der Nederlanden, die zich in den strijd door het bedrijven van uitstekende daden van moed, beleid en trouw, hebben onderscheiden.
In bijzondere gevallen kunnen ook niet-militaire Nederlandse onderdanen, alsmede vreemdelingen, die zich door zodanige daden hebben onderscheiden, in de Orde worden opgenomen.

Voor een gedetailleerdere beschrijving van de historie en toekenningscriteria verwijs ik naar de site van de Kanselarij der Nederlandse Orden en naar de onderstaande literatuurlijst.

Versierselen

Het versiersel van de Militaire Willems-Orde is een wit geëmailleerd kruis, gedekt door een Koninklijke kroon. De vier omlijste armen van het kruis zijn van gelijke lengte, lopen van het midden breed uit, zijn aan het uiteinde ingekeept en voorzien van geparelde punten. De armen dragen aan voor- en achterzijde in gouden letters de woorden: "VOOR / MOED / BELEID / TROUW".

Tussen de armen van dit kruis liggen die van een groen geëmailleerd 'Bourgondisch kruis'. In het hart van beide kruisen ligt aan de voorzijde een gouden 'vuurslag', aan de achterzijde een blauw geëmailleerd medaillon, in het midden waarvan een lauwerkrans, die de letter "W" omvat.

Het lint is oranje met twee smalle Nassaus blauwe strepen.

De versierselen voor de diverse graden kunnen als volgt worden omschreven:

Ridder Grootkruis
De middellijn van het wit geëmailleerde kruis bedraagt 50 millimeter, die van het Bourgondische kruis 42 millimeter. De omlijsting van het eerstgenoemde kruis en van het medaillon, de geparelde punten, de lauwerkrans, de "W" en de kroon zijn van goud. Het lint wordt gedragen als sjerp over de rechterschouder naar de linkerheup. De breedte van de sjerp is 101 millimeter.
Daarnaast draagt de Ridder Grootkruis een borstster (plaque). Deze bestaat uit het versiersel der orde - zonder kroon - bevestigd op een achtpuntige, uit 40 stralen bestaande bolvormige zilveren ster. De ster heeft een middellijn van 80 millimeter, terwijl de punten gepareld zijn. De ster dient zonder lint op de linkerborst te worden gedragen.

Plaque van Ridder Grootkruis (met dank aan Pieter van Gulik

Naar het batonoverzicht

Kommandeur
De middellijn van het wit geëmailleerde kruis bedraagt 50 millimeter, die van het Bourgondisch kruis 42 millimeter: de omlijsting van eerstgenoemd kruis en van het medaillon, de geparelde punten, de lauwerkrans, de W en de kroon zijn van goud; de breedte van het lint bedraagt 55 millimeter en het wordt om de nek gedragen.
Daarnaast draagt de Kommandeur een borstster (plaque) in de vorm van het versiersel, doch zonder lint.

Naar het batonoverzicht

Ridder 3e klasse
De middellijn van het wit geëmailleerde kruis bedraagt 42 millimeter, die van het Bourgondisch kruis 36 millimeter: de omlijsting van eerstgenoemd kruis en van het medaillon, de geparelde punten, de lauwerkrans, de W en de kroon zijn van goud; de breedte van het lint bedraagt 27 millimeter. Op het lint wordt een roset gedragen.

Naar het batonoverzicht

Ridder 4e klasse
De middellijn van het wit geëmailleerde kruis bedraagt 42 millimeter, die van het Bourgondisch kruis 36 millimeter: de omlijsting van eerstgenoemd kruis en van het medaillon, de geparelde punten, de lauwerkrans, de W en de kroon zijn van zilver; de breedte van het lint bedraagt 27 millimeter.

Naar het batonoverzicht


Literatuur

"Wet houdende instelling van de Militaire Willems-Orde", Staatsblad 1815, nummer 33
"Bepaling dat de bij het besluit van 18 November 1866, no. 20, goedgekeurde en gearresteerde tarieven, behoorende tot het algemeen reglement van administratie voor de Landmagt in Nederlandsch-Indië, in het staatsblad van Nederlandsch-Indië zullen worden opgenomen. (Tarief No. 47: RIDDER-SOLDIJ VOOR DE MILITAIRE WILLEMS-ORDE EN DE MEDAILLE VOOR MOED EN TROUW).", Staatsblad van Nederlandsch-Indië voor 1867, nummer 16a
"Besluit van 30 Juni 1941 betreffende het in werking treden van de wet, houdende herziening van de wet van 30 april 1815, Staatsblad No.33, nopens de instelling van de Militaire Willems-Orde", Staatsblad 1941, nummer B 60
"Toelage ridders Militaire Willemsorde (Wijziging R. v. A.)", Legerorders 1946, nummer 451

Arkel, R. van (2016, juni). Uitreiking dapperheidsonderscheidingen in Koeta Radja op 20 april 1915. In: Decorare. 35, p. 18-20.
Bas, F. de (1890). Het vijf-en-zeventig-jarig bestaan der Militaire Willems-Orde. Venlo: zonder uitgever.
Bax, dr. W.F. (1951). De Nederlandse ridderorden en onderscheidingen. Rotterdam/’s-Gravenhage: Nijgh & Van Ditmar N.V., p. 8-12
Booms, A.S.H. (1902). Neerlands Krijgsroem in Insulinde. ’s-Gravenhage: W.P. van Stockum & Zoon.
Cuperus, J. (2015, december). 'Ridder' na 200 jaar ontmaskerd. In: Decorare, nummer 34, p. 17-18.
Cuperus, J. (2017, juni). Nogmaals Hubertus Sonjé. In: Decorare, nummer 34, p. 12.
Engeland, E.A.J. van (2003, september). P.H.K. van Schendel - "De Militaire Willemsorde - Galerij van Nederlandsche helden". Decorare. 10, p. 40-60.
Gelton, P. (2010, december). Uitreiking Militaire Willems-Orde aan Kapitein Marco Kroon op 29 mei 2009. In: Decorare. 24, p. 3-9.
Hengel, G.H. van (1853). De Nederlandsche Ridderorden en Onderscheidingen of Eereteekenen. Velp: G.H. van Hengel Jr., p. 1-22.
Intveld, A. (2017, juni). Het scheepsembleem van de ondiepwatermijnenveger vernoemd naar J.M.L.O. Chöpff. In: Decorare, nummer 37, p. 20-23.
Keers, B. & R.W. Rijpkema (2015, december). De penning uitgegeven ter herinnering aan 200 jaar Militaire Willems-Orde. In: Decorare, nummer 34, p. 24-26.
Köffler, G.C.E. (1940). De Militaire Willemsorde 1815-1940. ’s-Gravenhage, Algemeene Landsdrukkerij.
Maalderink, P.G.H. (1982). De Militaire Willems-Orde sedert 1940. Zonder plaats: Sijthoff Pers.
Meijer, H.G. (2002, augustus). Het standmodel van de Militaire Willems-Orde na 185 jaar vastgesteld. In: Decorare. 7, p. 20-24.
Meijer, H.G. (2003, maart). Een Ridder Militaire Willems-Orde gepresenteerd. In: Decorare. 9, p. 12-14.
Meijer, H.G. (2004, maart). Portretschilderijen identificeren. In: Decorare. 11, p. 28-30.
Meijer, H.G., C.P. Mulder & B.W. Wagenaar (1984). Orders and Decorations of the Netherlands. Venray: eigen uitgave, p.25-26.
Mejan, T.P. (2011). Van ridderorde tot dapperheidsonderscheiding. De evolutie van de Militaire Willems-Orde en het begrip 'moed' in Nederlands-Indië 1818-1963. Leiden: eigen uitgave.
Ministerie van Defensie (2006). Uitreiking Militaire Willems-Orde en Bronzen Leeuw door Hare Majesteit Koningin Beatrix Den Haag 31 mei 2006. ’s-Gravenhage, Ministerie van Defensie, Directie Voorlichting en Communicatie.
Ministerie van Defensie (2009). Uitreiking Militaire Willems-Orde aan kapitein Marco Kroon Den Haag, 29 mei 2009. ’s-Gravenhage, Ministerie van Defensie, Directie Voorlichting en Communicatie.
Ministerie van Defensie (2016). Uitreiking Militaire Willems-Orde aan majoor Gijs Tuinman Den Haag, 4 december 2014. ’s-Gravenhage, Ministerie van Defensie, Directie Voorlichting en Communicatie.
Ministerie van Defensie (2016). Uitreiking Militaire Willems-Orde aan het Korps Commandotroepen Den Haag, 15 maart 2016. ’s-Gravenhage, Ministerie van Defensie, Directie Voorlichting en Communicatie.
Morsink, H. (2015, december). Bezoek aan Edward Simons Fulmer RMWO. In: Decorare, nummer 34, p. 27-29.
Müller, E.H. (2006, maart). Geuko Schuur, Ridder Militaire Willems-Orde. In: Decorare. 15, p. 44-47.
Müller, E.H. (2006, september). Jannis Jongman, Ridder Militaire Willems-Orde. In: Decorare. 16, p. 48-53.
Müller, E.H. (2010, juni). Een ridder vergruisd en vergeten: Carel Frederik Overhoff. In: Decorare. 23, p. 25-27.
Rijpkema, R.W. (2003, september). Eerbetoon aan Ridders der Militaire Willems-Orde. In: Decorare. 10, p. 5-7.
Rijpkema, R.W. (2005, maart). De Militaire Willems-Orde voor menschlievend hulpbetoon. Decorare. 13, p. 21-24.
Rijkpema, R.W. (2006, september). Militaire Willems-Orde voor de 1e zelfstandige Poolse parachutistenbrigade. In: Decorare. 16, p. 3-8.
Rijpkema, R.W. (2006, september). De Militaire Willems-Orde voor verrichtingen in Suriname. Decorare. 16, p. 17-19.
Rijpkema, R.W. (2007, november). Een ridder ontridderd. In: Decorare. 18, p. 17-24.
Rijpkema, R.W. (2008, oktober). Iets op zijn kerfstok. In: Decorare. 20, p. 5-12.
Rijpkema, R.W. (2010). De Militaire Willems-Orde. Aanvulling op G.C.E. Köffler en P.G.H. Maalderink. Zeist: Studiekring Ridderorden en Onderscheidingen (Monografie nr. 1).
Rijpkema, R.W. (2012, december). Ridders Militaire Willems-Orde met de Légion d'honneur van Napoleon Bonaparte. Decorare. 28, p. 26-30.
Rijpkema, R.W. (2013, juni). In Memoriam: Giovanni Narcis Hakkenberg, Ridder der Militaire Willems-Orde 4e klasse (1923-2013). Decorare. p. 29, p. 3-5.
Rijpkema, R.W. (2014, december). Uitreiking Militaire Willems-Orde aan majoor G.P. Tuinman op 4 december 2014. Decorare, 32, p. 33-335.
Rijpkema, R.W. (2016, juni). George John d'Albiac - een onfortuinlijke ridder der Militaire Willems-Orde. In: Decorare. 35, p. 5-9.
Rijpkema, R.W. & J. Cuperus (2015). 1815-2015 Militaire Willems-Orde. 200 jaar moed, beleid en trouw. Zeist: Studiekring Ridderorden en Onderscheidingen.
Rijpkema, R.W. & P. Gelton (2016, juni). Uitreiking van de Militaire Willems-Orde aan het Korps Commandotroepen. In: Decorare. 35, p. 28-30.
Rooden, P. van (2017, juni). Jan Kruijt (1789-1872), ridder der Militaire Willems-Orde. In: Decorare, nummer 37, p. 15-19.
Sabron, F.H.A. (1912). De militaire Willems-orde : geschiedenis van haar ontstaan, met aanteekeningen bij de wet en het reglement van de orde : naar officieele bescheiden. Breda: Koninklijke Militaire Academie.
Sabron, F.H.A. (2000, integrale herdruk). De Militaire Willems-Orde. Geschiedenis van haar ontstaan, met aanteekeningen bij de Wet en het Reglement van de Orde. ’s-Gravenhage: Kanselarij der Nederlandse Orden.
Schendel, P.H.K. van (1891). De Militaire Willemsorde. Galerij van Nederlandsche Helden. Edam: J.M. Roldanus Cz.
Schouls, L.C. (2009, maart). Ghanese soldaat in dienst van het Nederlandse leger in Indië. Decorare. 21, p. 4-5.
Sierag, J. (2015, december). Lodewijk Adriaan Herman Lamie. In: Decorare, nummer 34, p. 3-10.
Sluis, P.A.H. van der (2009, maart). Militaire Willemsorde voor Kapitein Marco Kroon. Decorare. 21, p. 3.
Snouckaert van Schauburg, W. Baron e.a. (1937). De Nederlandsche Ridderorden. Amsterdam/’s-Gravenhage, Nederlandsche Biografische Uitgevers-Maatschappij N.V.
Steur, P. & L. Wagenaar (1990). De laatste ridders. ’s-Gravenhage: Sdu Uitgeverij.
Verstege, J.J.W.E. (1885). Voorheen en thans- eene vergelijkende beschouwing bij het zeventig jarig bestaan der Militaire Willems-Orde. 1815-30 april-1885. Amsterdam: J.H. de Bussy.
Verstege, J.J.W.E. (1890). Militair-Historische terugblik bij den vijf- en zeventigjarigen gedenkdag van Waterloo - De historische oorsprong en beteekenis, de grondslagen en het doel van Legioen van Eer, IJzeren Kruis en Militaire Willemsorde. 's-Gravenhage: Gebr. J. & H. van Langenhuysen.
Vogelzang, H.P.G. (1990). Militaire Willems-Orde 1815-1990. Herdenkings-brochure ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan der Militaire Willems-Orde. Rijswijk: Koninklijke Nederlandse Vereniging ‘Ons Leger’.
Vries, H. de (2016, december). Britse heldendaden op Hollands grondgebied. In: Decorare. 36, p. 5-8.
Winckel, L.F.A. & G.B. Hooyer (1890). De Militaire Willems-orde : het vijf-en-zeventig-jarig bestaan : 30 april 1815-1890. Leiden: Sijthoff.
Zonder auteur (1855). Verzameling der Dagorders uitgevaardigd in het Leger van Nederlandsch Oost-Indië van 1818-1852, met eene alphabetische naamlijst der daarin eervol vermelde personen. Breda: Broese & Comp.
Zonder auteur (1939). Moed Beleid Trouw. Verzameling van Dagorders betrekking hebbende op toegekende belooningen aan hen, die zich onderscheidden bij krijgsverrichtingen van het Koninklijk Nederlandsch-Indische Leger van 1818 t/m heden. Batavia-Centrum: Departement van Oorlog.
Zonder auteur (1965). Ridders der Militaire Willems-Orde bij de Koninklijke Luchtmacht. ’s-Gravenhage: Luchtmachtstaf - Sectie Krijgsgeschiedenis.