Home -> Medailles -> Militaire herinneringsmedailles -> Atjeh-medaille 1873-1874

Atjeh-medaille 1873-1874

Op 26 maart 1873 verklaarde het Nederlands Gezag in Nederlands-Indië de oorlog aan de Atjehse krijgsheer Tiban Mohammed. Deze had namelijk handelsverdragen getekens met de Verenigde Staten en Italië. Aangezien Nederland niet wilde dat Atjeh in Amerikaanse of Italiaanse handen kwam werd op 8 april 1873 tot de invasie van Atjeh overgegaan.
Op 11 april viel een uit 3.000 man bestaand leger onder bevel van generaal-majoor J.H.R. Köhler het gebouw aan, waarvan men dacht dat het het paleis (de kraton) van de krijgsheer was. Jammergenoeg bleek het een moskee te zijn, welke werd verdedigd door zeer fanatieke moslims. De moskee werd met zware verliezen ingenomen, doch was door brand zo zwaar beschadigd dat generaal K&ouhml;hler het verstandiger vond om zijn leger naar een veiliger plaats terug te trekken. Drie dagen later moest het leger de nu zwaar door Atjehse strijders verdedigde en tot fort omgebouwde moskee heroveren. De Nederlandse troepen werden nu in de pan gehakt. Onder de slachtoffers bevond zich ook generaal-majoor Köhler. Gezien de grote verliezen besloot zijn plaatsvervangen, kolonel Van Daalen, zich van Atjeh terug te trekken. Hiermee kwam een einde aan de Eerste Atjeh Oorlog.

Op 11 november 1873 werd de Tweede Atjeh Oorlog begonnen. Op 9 december 1873 landde een uit 13.000 man bestaand leger, onder bevel van generaal-majoor J. van Swieten, op de kust van Noord-Atjeh. Dit keer werd de gefortificeerde moskee zonder grote problemen veroverd en kon de opmars naar het vijandelijke kraton worden voortgezet. Voor meer dan een week werd de kraton door de Nederlandse artillerie bestookt, om ten slotte op 25 januari 1874 met een grootscheepse infanterie-aanval ingenomen te worden. De krijgsheer had zich inmiddels met zijn volgelingen teruggetrokken in de jungle.

Aan alle militairen die in de Eerste Atjeh Oorlog en het begin van de Tweede Atjeh Oorlog (welke nog tot 1880 zou duren) hadden deelgenomen werd bij Koninklijk besluit no. 9 van 12 mei 1874 een herinneringsmedaille toegekend. Officieel heette deze de Atjeh-medaille 1873-1874, maar aangezien het doel van de operatie de inname van het kraton was geweest, staat de medaille ook wel bekend als de Kraton-medaille.

Atjeh-medaille 1873-1874Het is een ronde verguld bronzen medaille met een middellijn van 36 millimeter. De voorzijde vertoont het naar links gewende portret van Koning Willem III met het randschrift "WILLEM III KONING DER NEDERLANDEN G.H.V.L.". Links onder de nek van de koning zijn de initialen van de ontwerper te lezen: "J.E." (J. Elion).
De keerzijde vertoont het opschrift "ATJEH / 1873 EN 1874" binnen een krans van oranje- en eikentakken. Oorspronkelijk was het opschrift "ATCHIN / 1873 EN 1874". Het werd echter bij K.B. no. 3 van 28 augustus 1874 gewijzigd in het huidige.
Het brons voor de medailles komt uit de op de kraton veroverde bronzen kanonnen.

Naar het batonsoverzichtNaar het batonsoverzicht

Het lint, 37 millimeter breed was oorspronkelijk donker oranje. Bij K.B. no. 16 van 24 april 1875 werd de kleur veranderd in Nassausch blauw.

Aan de ontvangers van de Atjeh-medaille werd tevens de gesp "ATJEH 1873-1874" bij het Ereteken voor Belangrijke Krijgsbedrijven toegekend.

De medaille is tevens gehecht aan het vaandel van het 9e Bataljon Infanterie van het Nederlandsch Indisch Leger.


Literatuur

Bax, dr. W.F. (1973, integrale herdruk). Ridderorden, eereteekenen, draagteekens en penningen, betreffende de Weermacht van Nederland en KoloniŽn (1813-heden). Maastricht: A.G. van der Dussen B.V.
Meijer, H.G., C.P. Mulder & B.W. Wagenaar (1984). Orders and Decorations of the Netherlands. Venray: eigen uitgave, p. 73-74.