Return to Decorati

Dutch awards to Swish nationals for World War II

Otto-Sürbeck, miss Lydia Rosa

Known awards: VOA

Verzetsster Oost-Azië 1942-1945
Resistance Star East Asia 1942-1945
   Royal Decree no. 46 of 23 May, 1950
   Civilian

Source: Spaans (2004), p. 172-172

Sürbeck, miss Hedwig Elise

Born at Tandjong Balei, East Coast Sumatra, on 17 November, 1911.
Known awards: VOA

Verzetsster Oost-Azië 1942-1945
Resistance Star East Asia 1942-1945
   Royal Decree no. 8 of 8 August, 1951
   Civilian

Heeft zich door geestkracht, karaktervastheid en gemeenschapszin op bijzondere wijze onderscheiden tijdens de Japanse bezettingsperiode.
Van de omstandigheid, dat zij als Zwitserse neutraal was en dus niet door de Japanners werd geinterneerd, heeft Mej. Sürbeck gebruik gemaakt om gedurende het tijdvak medio 1942-October 1945 in samenwerking met haar zuster Mevr. Otto-Sürbeck alle mogelijke hulp en bijstand aan de geinterneerden in de gevangenis te Pematang Siantar en het vrouwenkamp aldaar, te verlenen. Deze hulp bestond in het verstrekken van voedsel, kleding, geld en medicijnen, hetgeen steeds weer onder de meest gevaarvolle omstandigheden plaatsvond. Het risico, dat Mej. Sürbeck hierbij liep, was des te groter door de aanwezigheid van een te Pematang Siantar gevestigd Kempetai-bureau, als gevolg waarvan haar woonhuis (het Siantar-hotel) doorlopend door de vijand werd bespioneerd. Deze hulpactie op grote schaal werd door haar uit eigen middelen bekostigd, waaraan zij grote bedragen aan geld heeft uitgegeven, zonder hiervoor, ook naderhand enige vergoeding terug te verlangen. Nieuwsberichten en couranten werden eveneens door haar aan de geinterneerden verstrekt, hetgeen er in belangrijke mate toe bijdroeg het moreel der geinterneerden op peil te houden.
Niettegenstaande het feit, dat Mej. Sürbeck door haar Zwitserse nationaliteit zich geheel buiten het politiek gebeuren had kunnen houden en zij zich tevens als beheerster van het Siantar Hotel in een zeer moeilijke positie bevond, heeft zij zich in haar houding ten opzichte van de Japanner steeds zeer afwijzend gedragen.
Bij voortduring heeft deze bijzondere vrouw zich voor de geinterneerden en gevangenen ingespannen; zó zelfs, dat zij in October 1945 van de toenmalige Japanse commandant de raad kreeg, niet langer in Siantar te blijven, aangezien voor haar leven niet langer kon worden ingestaan. Tijdens de beruchte Siantar-hotel-moordaffaire, waarbij haar vader, wijlen de Heer Sürbeck, en enige andere Zwitsers door extremisten om het leven werden gebracht, is zij dan ook ternauwernood aan de dood ontsnapt.
Veel leed heeft Mej. Sürbeck helpen verzachten en daardoor zeer zeker vele personen van een wisse ondergang gered.

Source: Nationaal Archief 2.05.49 inv.nr. 694 ; Spaans (2004), p. 238

Tanner, A.

Known awards: -

Letter of Gratitude
   1950
   -
   From the speech of the Dutch emissary in Thailand, October 20th, 1950:

Mr. Tanner, being of Swiss nationality was not interned. He came to the aid of the allied prisoners of war out of his own free will and well aware of the many risks he took. Mr Tanner established an organisation which collected a great quantity of medicine and a large amount of money which were smuggled into the different P.O.W. camps with the help of the same agents who rendered such valuable services to the organisations of Mr. Heath and Mr. Hempson, viz Nai Boon Phong and Nai Soon Lee.
It is only because Mr. Tanner as a Swiss national may not accept a foreign decoration that no such distinction was conferred upon him.

Source: Nationaal Archief 2.05.246 inv. 329

Vogt, Paul

Born at Flawil, St. Gallen on 8 April, 1907.
Known awards: VOA

Verzetsster Oost-Azië 1942-1945
Resistance Star East Asia 1942-1945
   Royal Decree no. 8 of 8 August, 1951
   Geologist

Heeft zich onderscheiden door daden van uitzonderlijke moed, en buitengewone aanhankelijkheid aan de Nederlandse zaak, door, hoewel van Zwitserse nationaliteit zijnde, zich na de capitulatie van het Kon. Nederlandsch Indisch Leger in April 1942 geheel vrijwillig onmiddellijk aan te sluiten bij een afdeling Engels-Australische guerrilla's te Tjikotok in Zuid-Bantam (West-Java), de z.g. Mission no.43 onder commando van de Engelse luitenant-kolonel L.J. VAN DER POST.
Genoemde troepen werden door hem in het bergcomplex Djajasempoer in veiligheid gebracht, teneinde de strijd tegen Japan te kunnen voortzetten en tevens zoveel mogelijk Japanse troepen te binden.
Hr. VOGT organiseerde o.a. de gehele verplaatsing evenals de opvoer van wapens, kleding, levensmiddelen, medicijnen a.a. Een en ander moest met grote omzichtigheid plaats vinden, aangezien de Japanse troepen reeds in de nabijheid waren en een deel van de bevolking der meer bewoonde streken niet geheel te vertrouwen was.
Na enige dagen op de Djajasempoer te hebben doorgebracht, bleek, dat deze schuilplaats was verraden en besloot de commandant Lt.Col. VAN DER POST, in verband met een Japanse eis tot overgave na een gehouden krijgsraad, zichzelf met alleen de zieke militairen bij de Japanse insluitingslinie te melden, in de hoop door deze "schijnovergave" te bereiken, dat de hoofdmacht zelf vrij zou blijven.
De avond tevoren werd de Hr. VOGT in verband met zijn grote terreinkennis en kennis van land en volk en eveneens terzake van zijn leiderseigenschappen, door de Lt.Col. VAN DER POST, ondanks het feit, dat zich meerdere Engelse en Australische officieren onder guerrilla-troepen bevonden, officieel aangesteld tot "Lieutenant" acting-captain" en verzocht de leiding op zich te nemen.
In deze functie verplaatste toen de Hr. VOGT zijn troep met alle voorraden op kundige en energieke wijze naar het nog woestere terrein van de Goenoeng Halimoen en ontkwam hierdoor met zijn afdeling voorlopig aan de greep van de vijand.
De opdracht van Missie 43 was:
Verbinding onderhouden met Australië. Contact maken met bestaande guerrilla-afn. op Java. Zoveel mogelijk Japanse troepen binden. Wachten op uit Australië verwachte versterkingen.
Aan deze opdracht kon nu wederom worden voorgewerkt. Uiteindelijk echter moest de Hr. VOGT zich met zijn troep - waaronder weer veel zieken waren - overgeven, teneinde te voorkomen, dat de Japanner represailles tegen de goedwillende, met de guerrilla's samenwerkende bergbevolking zouden nemen. De Jap.Cmdt. had namelijk gedreigd alle bewoners van de kampongs rondom de G.Halimoen aan bomen vast te binden en daarna de kampongs in brand te steken. Dit offer werd te zwaar geacht.
Gedurende zijn Japanse gevangenschap heeft Hr. VOGT vreemdeling zijnde en partij gekozen hebbende tegen Japan, zware mishandelingen ondergaan; zijn verdere behandeling was zeer slecht, tot de tijd, dat het Japan reeds minder goed ging, waarop hij - juist omdat hij Zwitser was - op last van Tokio werd vrijgelaten; dit redde hem van een zekere dood. Nimmer, zelfs niet onder de hevigste martelingen, heeft hij zijn commandant (Lt.Col. v.d. POST) omtrent wiens aandeel in de guerrillastrijd de Japanners geen gegevens bekend waren, verraden.
Betrokkene heeft zich gedurende deze gehele periode doen kennen als een geboren leider en overtuigd strijder, moedig en voortvarend en onder aanvaarding van alle verantwoordelijkheid, leiding gevende aan een uiterst belangrijke zending. Aan hem is het ook dan uitsluitend te danken, dat Mission nr. 43 gedurende zes maanden haar taak heeft kunnen vervullen tegenover een overmachtigen vijand, daardoor een aanzienlijke Japanse troepenmacht bindend.
Grote lof wordt de Hr. VOGT dan ook toegekend door zijn voormalige commandant, Lt.Col. L.J. VAN DER POST en door zijn chef de administrateur van het mijnbedrijf Tjikotok (voorm.comdt. landwacht aldaar) de Hr. D.W.V. KRIEK.
Na de capitulatie van Japan werd de Hr. VOGT gezien zijne antecedenten, door Afnei H.Q. dadelijk ingedeeld te Soerabaja, waar hij, na de moord op de Brig. MALLABY, in handen viel van de extremisten, die hem zodanig mishandelden, dat zijn gehoor steeds meer achteruit gaat.
Ook de Nederlandse zaak is de Hr. VOGT zeer veel dank verschuldigd daar hij, zonder zich een ogenblik te bedenken - met opoffering van al zijn persoonlijke belangen en onder voortdurende doodsbedreiging deze zaak, met inzet van zijn gehele persoon, op uitmuntende wijze heeft gediend.

Source: Nationaal Archief 2.05.49 inv. 694 ; Spaans (2004), p. 238-239